Zo heel rustigjes aan

Zo heel rustigjes aan

Ik klaag wel eens dat het leven te snel gaat.

En dan haast ik jou.

Ik vind dat alles te snel gaat, en te druk is.

En dan zeg ik dat jij door moet doen.

Je doet dat zo goed.
Traag leven.

De tandenstoker valt, en heel traag sta je op van je stoel. Je kruipt onder de tafel en je vindt niet alleen de tandenstoker, maar ook een balletje en een lepel. Dat vind je heerlijk.

Je mondje vormt zich in een ondeugende, vergenoegde glimlach. Je wangetjes gaan mee, verrukkelijk!

De kaas is verloren.
Je kijkt je t-shirt na. Je broek. Je stoel. Je duwt de stoel weg van de tafel en met moeite houd ik mezelf tegen om het gewoon even voor je te doen. Een paar minuten later vind je de kaas onder de tafel.
Je kleine vingers wrijven over de kaas, genietend van de textuur. Mij ziet het er weerzinwekkend uit. Voor jou is het een stukje goud.

Ik zeg dat je je bord NU moet leeg eten.

Je draait rond op je stoel in een nooit-eindigende dans. Je botst tegen je bord en je beker melk.

Alles wat ik kan zien is de mogelijkheid van gesmoste melk en jij ziet kruimels in de vorm van een vliegtuig.

Starend naar het plafond overdenkt je…iets? Je kan en wil er de woorden niet voor vinden, wanneer ik je vraag wat je aan het denken bent. Dat begrijp ik wel. Soms ontheiligt het onze overpeinzingen als we ze uit spreken.

Je lacht over de zotte toeren van je broer.

Je vertelt me over het liedje dat je geleerd hebt in school en alles wat ik voel is de hoofdpijn die door mij heen raast, erger wordt met ieder schril geluid dat uit je mondje komt. Je gezichtje geanimeerd als een stukje van de zon, zomaar naast mij.

Om de zoveel minuten denk je er aan om nog een hapje te nemen.

Je wriemelt op je knietjes.
Nog een slokje melk en dan lach je met je oogjes, die oogjes die ieder mogelijk lijntje en streepje en kuiltje gebruiken om maar te tonen dat ook zij kunnen lachen.

En hoewel de hoofdpijn niet weg gaat, herinner je me eraan dat er niet alleen hoofdpijn is. Er is ook een verhaaltje dat je me straks nog wil vertellen, en je boterham ziet er nu uit als een draak, met een muts. Straks gaan we een koekje krijgen en in jou hoofd hoor je nog steeds het liedje dat de juf je heeft geleerd.

Je neusje lacht ook mee.

To share the Thinkings...Share on Facebook
Facebook
Share on Google+
Google+
Tweet about this on Twitter
Twitter
Print this page
Print
Pin on Pinterest
Pinterest

Leave a Reply

  

  

  

  

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.